Dividend

De dividendbelasting kan in z'n geheel worden afgeschaft, was het eerste betoog van de kersverse minister-president. Hij glimlachte daarbij vriendelijk. In het debat daarna leverden aanhoudende vragen geen enkel op feiten berustend antwoord op. De quote leek eigenlijk niet veel meer dan een schone belofte die ten koste van alles moest verdedigd. Helemaal afschaffen. En sterker nog, juist het niet afschaffen zou onverantwoorde risico's voor heel de natie met zich brengen. Een doemscenario zou aan de verre horizon van schatrijk Nederland opdoemen als een spook, zodra een millimeter of minder van dit voornemen afgeweken zou worden.

De premier wees nog eens fijntjes op de huidige situatie bij onze zuiderburen. In België, zo sprak de minister-president uiterst bezorgd - en er klonk in zijn stem een duidelijke waarschuwing door - hebben namelijk alle internationale bedrijven het land verlaten. Er was slechts één uitzondering. Eentje. In-Bev, een bierbrouwer. Een oorzakelijk verband tussen het aanwezig zijn van internationale bedrijven en het hebben, aanhouden, opschorten, aanscherpen of schrappen van welke in Belgenland geldende zakentaks dan ook, bleef ook hier achterwege. Hij hield het bij dit afschrikwekkende voorbeeld. Een waarschuwing die tot op heden wordt herhaald.

De dividendbelasting kan totaal afgeschaft. Dat is goed voor ons land (wat overigens ook geldt voor schone lucht). Het gaat bij deze maatregel 'slechts' om 1,4 miljard euro op jaarbasis, waarmee een zeker deel van onze participatiemaatschappij overduidelijk wordt gewaardeerd of beloond. Er dient een eind te komen aan de tax op dividend. Wat (uni)levert dit op voor wie, die shell het zeggen. Vragen. Onduidelijke antwoorden. Wie direct profiteren is helder.

Willem Messchaert, Kolhorn